Als jouw seniorkat ooit blaasgruis gehad heeft, is de kans groot dat je te horen kreeg dat jouw kat levenslang urinary voer moet krijgen. Of misschien heb je meerdere katten in huis, moet jouw jongere kat urinary voer krijgen en vraag jij je af of je dat voer dan ook aan jouw seniorkat mag geven.
In dit artikel leg ik je graag uit waarom ik dat als kattendiëtist en blaasgruiscoach steeds afraad. (Liever luisteren dan lezen? Beluister deze aflevering van mijn podcast op Spotify.)
Een tijdje geleden had ik een kennismakingsgesprek met een cat mom. Haar kat had jaren geleden blaasgruis gehad. Sindsdien gaf ze heel strikt enkel het urinary voer van de dierenarts en alles leek goed te gaan. Jarenlang was er geen vuiltje aan de lucht. Tot haar kat een tijdje voor ons gesprek weer bloed begon te plassen.
Mijn klant voelde meteen weer die paniek opkomen. Shit, ze zal toch niet weer blaasgruis hebben? Helaas, het was weer van dat.
Ze begreep niet hoe het kon dat haar kat jarenlang dezelfde voeding had gekregen, zonder dat er een probleem was, en dat ze nu plots toch weer bloed was beginnen plassen. Volgens de dierenarts lag het aan stress.
Dit gebeurt in het lichaam van jouw seniorkat
Ik zie dit echter vaker gebeuren. Een jonge, maar volwassen kat krijgt struvietkristallen en wordt voor de rest van zijn leven gedoemd om urinary voer te eten. En op oudere leeftijd krijgt de kat dan plots calciumoxalaatstenen. Ik ben trouwens niet de enige die dit ziet, onderzoek wijst ook uit dat we calciumoxalaat vaak bij oudere katten zien en struviet vaak bij jongere katten. Beide vallen onder de noemer blaasgruis, maar de aanpak loopt niet helemaal gelijk.
Om het struviet op te lossen, wordt urinary voer gegeven. Dat voer is onder andere bedoeld om de urine van jouw kat zuurder te worden. Hierdoor lossen de struvietkristallen op of worden ze kleiner, waardoor jouw kat ze zelf uit kan plassen. Struviet ontstaat dan ook vooral wanneer de urine van jouw kat niet zuur genoeg is. Calciumoxalaat ontstaat vooral wanneer de urine te zuur is.
Nu weten we ook dat de urine van seniorkatten vaak zuurder is dan die van jongere katten. Als jij jouw seniorkat dan ook urinary voer blijft geven, zonder regelmatig die urine pH te meten, dan merk je niet op dat die urine plots te zuur aan het worden is en krijg je voor je het weet calciumoxalaatvorming. Dat is heel vervelend voor jouw kat, want je kan die kristallen niet kleiner maken door voeding. Als de kristallen of stenen te groot zijn om uitgeplast te worden, moeten ze chirurgisch verwijderd worden.
Dat is een van de redenen waarom ik in al mijn begeleidingen zo hard hamer op het regelmatig controleren van die urine pH. Die zuurtegraad van de urine blijft niet constant gewoon omdat je hetzelfde voer blijft geven. Er zijn allerlei factoren die hierop een invloed hebben en leeftijd is daar 1 van. Gelukkig kan je die pH vrij gemakkelijk thuis testen met pH-sticks en hoef je hiervoor niet meteen met je kat naar de dierenarts.
Ben jij het beu om bang af te moeten wachten tot jouw kat opnieuw blaasgruis krijgt en wil je meer controle over de aanpak van blaasgruis bij jouw kat? Download hier mijn gratis handleiding met stappenplan voor katten met blaasgruis.
Heb jij meerdere katten in huis, maar weet je niet hoe je kan voorkomen dat ze elkaars voer kunnen eten? Download hier mijn e-book "Voermanagement in een multi kat huishouden: hoe zorg je ervoor dat elke kat enkel haar eigen voer eet?"
